terug naar: economie en loon, een handleiding of naar inhoud

 

Loonmatiging is overal goed voor                               25

Beslissers in politiek en bedrijf gebruiken loonmatiging als wondermiddel dat alle economische problemen oplost. Ze grijpen iedere willekeurige gelegenheid aan om loonmatiging te eisen.
Dat gaat zo:

Loonmatiging moet,  in 2011 om de pensioenen betaalbaar te houden.
Loonmatiging moet,  in 2010 om de uit de hand gelopen begroting sluitend te krijgen.
Loonmatiging moet,  in 2009 om de schade van de kredietchaos op te lossen.

Iedere regering opnieuw beloofde bij haar aantreden: ‘eerst het zuur, straks het zoet’,
            ‘eerst inleveren, later oogsten’.
Die oogst kwam er niet, daarvoor ware er uitvluchten genoeg.      

Loonmatiging moest,  in 2008 om de bloeiende economie nog winstgevender te maken.
Loonmatiging moest,  in 2007 om de vergrijzing op te vangen.
Loonmatiging moest,  in 2006 om het energieverbruik te beperken.
Loonmatiging moest,  in 2005 om de slechte economie het hoofd te bieden.
Loonmatiging moest,  in 2004 om de pensioenlasten te kunnen dragen.
Loonmatiging moest,  in 2003 om een recessie af te wenden.

Ieder jaar weer werd loonmatiging opgeëist.
           En wat was het gevolg?
Door de laag gehouden lonen werden de winsten zwaar gesubsidieerd.
           Maar nog geen bedankje kon er af.

Loonmatiging moest, in 2002 om de strijd tegen terrorisme te steunen.
Loonmatiging moest, in 2001 om de neergaande conjunctuur te weerstaan.
Loonmatiging moest, in 2000 om de exportpositie van Nederland te verstevigen.
Loonmatiging moest, in 1999 om oververhitting van de economie tegen te gaan.
Loonmatiging moest, in 1998 om de staatsschuld te verlagen.
Loonmatiging moest, in 1997 om de uitkeringsgerechtigden te ontzien.

Alle jaren werd eenzijdig loonmatiging opgelegd.
            En hoe liep het af met al die zaken waarom gematigd moest worden?
Ach, die redenen waren wat ongrijpbaar, daar we hebben dus niets meer van gehoord.
            En ja, we vroegen er ook nauwelijks naar.

Loonmatiging moest, in 1996 om de euromunt  mogelijk te maken.
Loonmatiging moest, in 1995 om de globalisering het hoofd te bieden.
Loonmatiging moest, in 1994 omdat dan vast wel meer werk ontstaat.
Loonmatiging moest, in 1993 om winstherstel mogelijk te maken.
Loonmatiging moest, in 1992 omdat alle landen matigen, behalve Nederland.
Loonmatiging moest, in 1991 om de loonvorming vooral verantwoord te laten zijn.

Iedere keer weer loonmatiging.
En wat stelden de ondernemers en de overheid -als werkgever- daar tegenover?
           Niets.
De ondernemers hebben nooit een tegenprestatie aangeboden.
Nooit beloofd de met loonmatiging behaalde winsten in Nederland te investeren.

In eerdere jaren moest de nationale trots zoals DAF, Fokker of KLM zo nodig door loonmatiging worden gered.
Na de beursdip eind 80 moesten we loon matigen om het investeringsnivo te handha­ven.
En loon matigen was hèt middel om werk te mogen houden.
Daarvoor -toen de gulden steeds harder werd- moesten we loon matigen om nieuwe banen te creëren.

Na Bestek '81 moesten we loon matigen omdat anders de ambtenarenlonen te sterk achterbleven.

Tijdens de laagconjunctuur in de 70er jaren moesten we loon matigen om de werkloosheidsuit­keringen te betalen.
En tijdens de eerdere hoogconjunctuur moesten we loon matigen om de con­currentiekracht te vergroten.

Na de oliecrisis moesten we loon matigen om een stukje van de welvaart te mogen behouden. Daarvoor was loonmatiging nodig geweest om de rijksbegroting sluitend te krijgen.

Na de Suez crisis moesten we loon matigen vanwege de onzekere tijden.
De jaren daarvoor moesten we loon matigen om de internationale positie van Nederland uit te bouwen.
En daarvoor moest nog veel langer met een slecht betaalde zesdaagse werkweek loon gematigd worden om de nationale industrie te versterken.
Nadat vele jaren daarvoor het loon was gematigd om de wederopbouw na de oorlog mogelijk te maken.

          ga door naar:  28 ondernemerspropaganda                                                  april 10